“Hi Vera, ik heb geen diagnose, maar ik ben benieuwd of jij mij wel kan helpen.”
“Ik weet dat ik geen diagnose heb, maar ik herken zoveel in jouw verhaal.”
“Alles gaat mis en ik weet niet waardoor het komt.”
“Ik heb geen diagnose, maar ik herken wel alles.”
Dit zijn zinnen die ik vaak hoor. En het lijkt alsof het er de laatste jaren alleen maar meer worden. Mensen die contact met mij opnemen omdat ze een vermoeden hebben van ADHD. Omdat ze zichzelf herkennen in wat ik deel. In de chaos, de onrust, het uitstellen, de overprikkeling. En tegelijkertijd is er twijfel: mag ik dit wel voelen als ik geen diagnose heb?
Laat ik daar meteen duidelijk over zijn:
een diagnose is niet het belangrijkste vertrekpunt.
De diagnose als verklaring, niet als oplossing
Een diagnose kan helpend zijn. Het kan woorden geven aan iets wat je al jaren voelt. Het kan erkenning geven, richting, soms ook opluchting. Eindelijk een verklaring voor waarom dingen anders lopen dan bij anderen.
Toen ik mijn diagnose kreeg leken de puzzelstukjes op zijn plaats te vallen. Voor mij was het destijds een reden om de dingen te doen zodat het voor mij werkte. Nu jaren later zie ik dat ik die diagnose daar eigenlijk helemaal niet voor nodig heb.
En dat is ook wat ik in mijn praktijk steeds opnieuw zie:
de diagnose verandert niets aan hoe jij je dagelijks voelt.
Niet aan je energie. Niet aan je agenda. Niet aan de blokkades waar je tegenaan loopt.
Wat wél verschil maakt, is hoe jij leert omgaan met jouw kenmerken. Met wat jou uit balans brengt. En met wat jij nodig hebt om overeind te blijven. Om jouw Jenga toren in balans te houden.
En dat is voor iedereen anders.
Herkenning zonder label
Veel mensen die bij mij aankloppen, zitten vast. Ze voelen dat ze continu achter de feiten aanlopen. Dat plannen niet lukt. Dat ze te veel doen en zichzelf vergeten. Dat hun hoofd nooit echt stil is.
Ze herkennen zich in ADHD-verhalen, maar hebben (nog) geen diagnose. Soms omdat ze op een wachtlijst staan. Soms omdat ze twijfelen of ze die stap willen zetten. Soms omdat ze denken: anderen hebben het erger dan ik.
Wat ik dan vaak teruggeef, is dit:
je hoeft jezelf niet eerst officieel te laten vastpinnen voordat je serieus mag kijken naar wat er speelt. Als jij merkt dat je vastloopt, dan is dát het signaal om te onderzoeken wat er nodig is. Niet het label.
Iedereen heeft een andere Jenga toren
In mijn blogs gebruik ik vaak de metafoor van de Jenga toren. Alle blokjes staan ergens voor, het gezin, werk, planningen, opruimen, sporten en het huis schoonmaken. Blokjes kunnen eruit vallen, maar ook terug gestopt worden. Bij sommige mensen staat die toren vrij stabiel. Bij anderen wiebelt hij sneller.

Mensen met ADHD-kenmerken hebben vaak een toren die gevoeliger is voor verandering. Een volle agenda, hormonale schommelingen, een nieuwe baan, een drukke periode thuis, het kan net dat ene blok zijn dat de toren uit balans brengt.
Maar: welke blokken cruciaal zijn, verschilt per persoon.
Voor de één is dat slaap. Voor de ander structuur. Voor weer een ander is dat ruimte om alleen te zijn.
En zo weet ik van mezelf dat ik baat heb bij een goede planning en structuur. Telkens als ik merk dat mijn Jenga toren op wiebelen staat neem ik de tijd om mijn hoofd op orde te krijgen, door te praten met iemand of een lange wandeling. Vervolgens kan ik structuur aan brengen in mijn gedachten en een realistische planning maken.
Een diagnose vertelt je niet welke blokken voor jóu dragend of belangrijk zijn. Dat ontdek je alleen door zelfonderzoek.
Van “wat heb ik?” naar “wat heb ik nodig?”
De vraag “heb ik ADHD?” is vaak een beginvraag.
Maar de verdiepende vraag is: “waar loop ik tegenaan en wat heb ik nodig om hier anders mee om te gaan?”
Misschien merk je dat je:
- Snel overprikkeld raakt
- Moeite hebt met schakelen tussen taken
- Jezelf verliest in zorgen of gedachten
- Altijd ‘ja’ zegt terwijl je ‘nee’ voelt
- Pas rust neemt als het eigenlijk al te laat is
Dat zijn geen diagnosevragen. Dat zijn leefvragen.
En juist daar zit de ruimte voor verandering.
Persoonlijk leiderschap begint bij bewustzijn
Of je nu wel of geen diagnose hebt: persoonlijk leiderschap begint bij bewustzijn. Bij durven kijken naar je patronen zonder oordeel. Bij erkennen dat iets niet meer werkt, ook al “doet iedereen het zo”.
Ik zie veel mensen die jarenlang hebben gefunctioneerd op wilskracht. Die zich hebben aangepast, doorgezet, volgehouden. Tot het niet meer lukt. En dan denken: zie je wel, ik faal.
Maar vaak is het geen falen. Het is een systeem dat te lang heeft gedraaid zonder onderhoud.
Coaching gaat dan niet over oplossen wie je bent, maar over begrijpen hoe jij werkt.
De diagnose is geen eindpunt
Sommige mensen die ik begeleid krijgen later alsnog een diagnose. Anderen niet. En eerlijk gezegd: in de praktijk maakt dat vaak weinig verschil in het proces.
Wat wél verschil maakt, is:
- Leren luisteren naar je eigen signalen
- Ruimte maken voor herstel
- Keuzes maken die passen bij jouw brein
- Mildheid ontwikkelen voor jezelf
De diagnose kan daar soms helpend bij zijn. Maar hij is niet leidend.
Dus… kan ik je coachen zonder diagnose?
Ja.
Als je vastloopt.
Als je jezelf herkent.
Als je voelt dat het anders mag.
Je hoeft niet eerst officieel te bewijzen dat je ergens “recht op hebt”.
Je mag serieus nemen wat jij ervaart.
Want uiteindelijk gaat het niet om het label.
Het gaat om hoe jij jouw leven zo inricht dat je Jenga toren blijft staan.
En dát begint met nieuwsgierigheid naar jezelf.
